Vertaling van minachten
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
minachten, versmaden, een hekel hebben aan {ww.}
minachten
versmaden
een hekel hebben aan {ww.}
versmaden
een hekel hebben aan {ww.}
ik minacht
jij minacht
hij/zij/het minacht
ik minacht
jij minacht
hij/zij/het minacht
» meer vervoegingen van minachten
verachten, minachten {ww.}
verachten
minachten {ww.}
minachten {ww.}
ik minacht
jij minacht
hij/zij/het minacht
ik veracht
jij veracht
hij/zij/het veracht
» meer vervoegingen van verachten
neerzien, neerkijken, depreciëren, geringschatten, minachten {ww.}
neerzien
neerkijken
depreciëren
geringschatten
minachten {ww.}
neerkijken
depreciëren
geringschatten
minachten {ww.}
ik deprecieer
jij deprecieert
hij/zij/het deprecieert
ik zie neer
jij ziet neer
hij/zij/het ziet neer
» meer vervoegingen van neerzien