Vertaling van netelig

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
netelig, zwak {bn.}
netelig
zwak {bn.}
hachelijk, benard, heikel, netelig, penibel, precair {bn.}
hachelijk
benard
heikel
netelig
penibel
precair {bn.}


Gerelateerd aan netelig

zwak - hachelijk - benard - heikel - penibel - precairgevaarvol