Vertaling van ongelukkig

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
ongelukkig {bn.}
ongelukkig {bn.}
onfortuinlijk, ongelukkig {bn.}
onfortuinlijk
ongelukkig {bn.}
ongelukkig, gehandicapt {bn.}
ongelukkig
gehandicapt {bn.}
onfortuinlijk, ongelukkig {bn.}
onfortuinlijk
ongelukkig {bn.}


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Gelukkige gezinnen lijken alle op elkaar, ieder ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze.

Gelukkige gezinnen lijken alle op elkaar, ieder ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze.

Ik zou ongelukkig zijn, maar ik zou geen zelfmoord plegen.

Ik zou ongelukkig zijn, maar ik zou geen zelfmoord plegen.

Er wordt gezegd dat de armen niet altijd ongelukkig zijn.

Er wordt gezegd dat de armen niet altijd ongelukkig zijn.

We zijn niet zo gelukkig of ongelukkig dan we onszelf inbeelden.

We zijn niet zo gelukkig of ongelukkig dan we onszelf inbeelden.

We zijn nooit even gelukkig of ongelukkig als we onszelf indenken.

We zijn nooit even gelukkig of ongelukkig als we onszelf indenken.

Ik mag dan wel ongelukkig zijn, maar ik ben niet van plan mezelf te doden.

Ik mag dan wel ongelukkig zijn, maar ik ben niet van plan mezelf te doden.


Gerelateerd aan ongelukkig

onfortuinlijk - gehandicapt