Vertaling van ongelukkig
ongelukkig {bn.}
gehandicapt {bn.}
ongelukkig {bn.}
Voorbeelden in zinsverband
Gelukkige gezinnen lijken alle op elkaar, ieder ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze.
Gelukkige gezinnen lijken alle op elkaar, ieder ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze.
Ik zou ongelukkig zijn, maar ik zou geen zelfmoord plegen.
Ik zou ongelukkig zijn, maar ik zou geen zelfmoord plegen.
Er wordt gezegd dat de armen niet altijd ongelukkig zijn.
Er wordt gezegd dat de armen niet altijd ongelukkig zijn.
We zijn niet zo gelukkig of ongelukkig dan we onszelf inbeelden.
We zijn niet zo gelukkig of ongelukkig dan we onszelf inbeelden.
We zijn nooit even gelukkig of ongelukkig als we onszelf indenken.
We zijn nooit even gelukkig of ongelukkig als we onszelf indenken.
Ik mag dan wel ongelukkig zijn, maar ik ben niet van plan mezelf te doden.
Ik mag dan wel ongelukkig zijn, maar ik ben niet van plan mezelf te doden.