Vertaling van opdrinken
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
opdrinken {ww.}
opdrinken {ww.}
ik zal opdrinken
ik zou opdrinken
jij zult opdrinken
ik zal opdrinken
ik zou opdrinken
jij zult opdrinken
» meer vervoegingen van opdrinken
opdrinken, uitdrinken, leegdrinken {ww.}
opdrinken
uitdrinken
leegdrinken {ww.}
uitdrinken
leegdrinken {ww.}
ik zal leegdrinken
ik zou leegdrinken
jij zult leegdrinken
ik zal opdrinken
ik zou opdrinken
jij zult opdrinken
» meer vervoegingen van opdrinken
opzuipen, opdrinken {ww.}
opzuipen
opdrinken {ww.}
opdrinken {ww.}
ik zal opdrinken
ik zou opdrinken
jij zult opdrinken
ik zal opzuipen
ik zou opzuipen
jij zult opzuipen
» meer vervoegingen van opzuipen
opzuipen, uitdrinken, opdrinken {ww.}
opzuipen
uitdrinken
opdrinken {ww.}
uitdrinken
opdrinken {ww.}
ik zal opdrinken
ik zou opdrinken
jij zult opdrinken
ik zal opzuipen
ik zou opzuipen
jij zult opzuipen
» meer vervoegingen van opzuipen