Vertaling van paralyseren
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
paralyseren, verlammen {ww.}
paralyseren
verlammen {ww.}
verlammen {ww.}
ik paralyseer
jij paralyseert
hij/zij/het paralyseert
ik paralyseer
jij paralyseert
hij/zij/het paralyseert
» meer vervoegingen van paralyseren