Vertaling van participeren
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
deelnemen, participeren, meedoen {ww.}
deelnemen
participeren
meedoen {ww.}
participeren
meedoen {ww.}
ik neem deel
jij neemt deel
hij/zij/het neemt deel
ik neem deel
jij neemt deel
hij/zij/het neemt deel
» meer vervoegingen van deelnemen
Niet winnen is belangrijk, maar deelnemen.
Niet winnen is belangrijk, maar deelnemen.
Ik wil deelnemen aan het protest.
Ik wil deelnemen aan het protest.