Vertaling van plaatskaart

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
kaartje [o], ticket [o], plaatsbewijs [o], plaatskaart [v] {zn.}
kaartje [o]
ticket [o]
plaatsbewijs [o]
plaatskaart [v] {zn.}
Ik heb geen ticket.
Ik heb geen ticket.
Heb je een kaartje?
Heb je een kaartje?
plaatsbewijs [o] (het ~), plaatskaart, plaatsbiljet {zn.}
plaatsbewijs [o] (het ~)
plaatskaart
plaatsbiljet {zn.}
Geachte passagiers! Indien u het vervoermiddel betreedt zonder in het bezit te zijn van een geldig abonnement, stempel dan uw plaatsbewijs af vóór de volgende halte.
Geachte passagiers! Indien u het vervoermiddel betreedt zonder in het bezit te zijn van een geldig abonnement, stempel dan uw plaatsbewijs af vóór de volgende halte.


Gerelateerd aan plaatskaart

kaartje - ticket - plaatsbewijs - plaatsbiljettoegangsbewijs