Vertaling van vervallen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
vervallen {ww.}
vervallen {ww.}

ik verval
jij vervalt
hij/zij/het vervalt

ik verval
jij vervalt
hij/zij/het vervalt
» meer vervoegingen van vervallen

vervallen, gebrekkig worden, in verval raken, aftakelen {ww.}
vervallen
gebrekkig worden
in verval raken
aftakelen {ww.}

ik takel af
jij takelt af
hij/zij/het takelt af

ik verval
jij vervalt
hij/zij/het vervalt
» meer vervoegingen van vervallen

vervallen, ineenzakken, in verval raken, ineenstorten {ww.}
vervallen
ineenzakken
in verval raken
ineenstorten {ww.}

hij/zij/het stort ineen
zij storten ineen
ik zak ineen

hij/zij/het vervalt
zij vervallen
ik verval
» meer vervoegingen van vervallen

vervallen, weggelaten {bn.}
vervallen
weggelaten {bn.}
vervallen {bn.}
vervallen {bn.}
mislukken, vervallen, tegenlopen, achteruitgaan {ww.}
mislukken
vervallen
tegenlopen
achteruitgaan {ww.}

ik ga achteruit
jij gaat achteruit
hij/zij/het gaat achteruit

ik misluk
jij mislukt
hij/zij/het mislukt
» meer vervoegingen van mislukken

Ge zult mislukken.
Ge zult mislukken.
verschijnen, vervallen {ww.}
verschijnen
vervallen {ww.}

ik verschijn
jij verschijnt
hij/zij/het verschijnt

ik verschijn
jij verschijnt
hij/zij/het verschijnt
» meer vervoegingen van verschijnen

Zeldzaam verschijnen zwemmers in de uitgestrekte zee
Zeldzaam verschijnen zwemmers in de uitgestrekte zee
Er zijn mensen in de wereld die zo'n honger hebben, dat God alleen in de vorm van brood aan hen kan verschijnen.
Er zijn mensen in de wereld die zo'n honger hebben, dat God alleen in de vorm van brood aan hen kan verschijnen.
geannuleerd, vervallen {bn.}
geannuleerd
vervallen {bn.}
bouwvallig, vervallen, tot puin vervallen {bn.}
bouwvallig
vervallen
tot puin vervallen {bn.}
geëindigd, vervallen {bn.}
geëindigd
vervallen {bn.}
betaalbaar, vervallen {bn.}
betaalbaar
vervallen {bn.}
bouwvallig, vervallen {bn.}
bouwvallig
vervallen {bn.}