Vertaling van vink
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
boekvink, vink {zn.}
boekvink
vink {zn.}
vink {zn.}
vink {zn.}
vink {zn.}
vinken, afvinken {ww.}
vinken
afvinken {ww.}
afvinken {ww.}
ik vink af
jij vinkt af
hij/zij/het vinkt af
ik vink
jij vinkt
hij/zij/het vinkt
» meer vervoegingen van vinken