Vertaling van dicht

Inhoud:

Nederlands
Portugees
dicht, dik, gebonden {bn.}
basto
cerrado
compacto
denso
espesso
dicht, gesloten, toe {bn.}
fechado
compact, dicht {bn.}
cerrado
compacto
denso
dichten, dichtmaken, stoppen, toestoppen, verstoppen, volstoppen {ww.}
obstruir
obturar
tampar
tapar
arrolhar


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Portugees

Doe de deur dicht als je weggaat.

Feche a porta quando sair.

We wonen dicht bij het station.

Moramos perto da estação.

Het is gevaarlijk dicht bij het vuur te spelen.

É perigoso brincar em volta do fogo.


Gerelateerd aan dicht

dik - gebonden - gesloten - toe - compact - dichten - dichtmaken - stoppen - toestoppen - verstoppen - volstoppen