Vertaling van goede
Voorbeelden in zinsverband
Hij was een goede koning.
Foi um bom rei.
Je bent een goede jongen.
Você é um bom garoto.
Tom is een goede werker.
Tom é um bom funcionário.
Ken jij een goede tandarts?
Você conhece um bom dentista?
Ik ben een goede taxichauffeur.
Eu sou um bom motorista de táxi.
Hij zal een goede echtgenoot zijn.
Ele vai ser um bom marido.
Hij staat op goede voet met meneer Brown.
Ele está de bem com o Sr. Brown.
Voor zover ik weet was hij een goede student.
Até onde eu sei, ele era um bom aluno.
Ik heb gehoord dat je een goede tennisspeler bent.
Ouvi dizer que você é um bom tenista.
Ze hebben een goede verhouding met hun buren.
Eles estão de bem com seus vizinhos.
Hoe gaat het met u? Hebt u een goede reis gehad?
Como você está? Teve uma boa viagem?
Doe ik ook eens een keer een goede daad... haalt het niks uit.
Uma vez na vida estou fazendo uma boa ação... e não serve para nada.