Vertaling van twaalf
Inhoud:
Nederlands
Portugees
twaalf {telw.}
doze
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Portugees
Hij heeft twaalf zoons.
Ele tem 12 filhos.
Een jaar heeft twaalf maanden.
Um ano tem doze meses.
Ik kocht het voor ongeveer twaalf dollar.
Comprei por mais ou menos doze dólares.
"Hoe oud is ze?" "Ze is twaalf jaar oud."
"Quantos anos ela tem?" "Ela tem doze anos."