Vertaling van Pinksterfeest

Inhoud:

Nederlands
Zweeds
wekenfeest, Pinksteren [m], Pinksterfeest [o] {eigenn.}
pingst
Pinksteren [m] (de ~), Pinkster, Pinksterfeest [o] {eigenn.}
pingst


Gerelateerd aan Pinksterfeest

wekenfeest - Pinksteren - Pinkster