Vertaling van brullen

Inhoud:

Nederlands
Zweeds
brullen, bulderen, daveren, loeien {ww.}
råma
balken, blaten, brullen, grommen, hinniken, loeien, schreeuwen {ww.}
yla
böla
råma
bräka


Gerelateerd aan brullen

bulderen - daveren - loeien - balken - blaten - grommen - hinniken - schreeuwen