Vertaling van abarcar

Inhoud:

Portugees
Nederlands
abarcar, abraçar {ww.}
omarmen
omhelzen 
omvademen
abarcar, açambarcar, fazer truste {ww.}
klempraten
zich meester maken van
accapareren
beslag leggen op
opkopen
zich toe-eigenen
abarcar, abranger, incluir {ww.}
betrekken 
insluiten
conter, incluir, abraçar, abarcar {ww.}
inhouden
bevatten 
houden
vervatten

Gerelateerd aan abarcar

abraçar - açambarcar - fazer truste - abranger - incluir - conter