Vertaling van acaso

Inhoud:

Portugees
Nederlands
acaso, azar, casualidade, coincidência {zn.}
toeval
toevalligheid [v]
acaso, a esmo, a torto e a direito {bw.}
in het wilde weg
lukraak
op goed geluk
acaso, por ventura, possivelmente, talvez {bw.}
misschien 
mogelijk
mogelijkerwijs
soms
wellicht 
acaso, felicidade, sorte {zn.}
fortuinlijkheid [v]
lot
fortuin
chance, ensejo, acaso, favorável {zn.}
kans 
uitzicht
Por favor, me dê outra chance.
Geef me alstublieft nog een kans.