Vertaling van gastar

Inhoud:

Portugees
Nederlands
gastar {ww.}
opmaken
verbruiken
opgebruiken
gastar {ww.}
verteren
uitgeven 
spanderen
spenderen
besteden
consumir, esgotar, gastar {ww.}
verteren
verorberen
slopen
verbruiken
consumeren


Gerelateerd aan gastar

consumir - esgotar