Vertaling van não
Inhoud:
Portugees
Nederlands
Voorbeelden in zinsverband
Portugees
Nederlands
Não!
Neen!
Não, não e não!
Nee, nee en nogmaals nee!
Não interfira!
Moei je niet!
Não toque.
Niet aanraken.
Não, obrigada.
Nee, dank u.
Não, obrigada.
Nee, dank u.
Não dói.
Het doet geen pijn.
Não, não é meu novo namorado.
Nee, dit is niet mijn nieuwe vriendje.
"Ele vem?" "Não, acho que não."
"Komt hij?" "Nee, ik denk het niet."
Não é tão surpresa assim, não é?
Dat is niet echt een verrassing toch?
Não, eu não sou; tu és!
Nee, ik ben het niet, jij bent het!
Por que não?
Waarom niet?
Isso não me surpreende.
Het verbaast me niet.
Não... quer dizer, sim.
Nee... Ik bedoel, ja.
Ela não fuma.
Zij rookt niet.