Vertaling van lämna

Inhoud:

Zweeds
Nederlands
lämna {ww.}
verlaten
in de steek laten
laten varen
Jag måste lämna dig.
Ik moet je verlaten.
Jag kommer aldrig att lämna dig.
Ik zal u nooit verlaten.
lämna, avresa
heengaan
weggaan
vertrekken
opstappen
smeren
afreizen
wegtrekken
wegreizen
uitwijken
lämna
heengaan
weggaan
vertrekken
verlaten
verdwijnen
smeren
afreizen
wegtrekken
wegreizen

Voorbeelden in zinsverband

Zweeds
Nederlands

Jag måste lämna dig.

Ik moet je verlaten.

Jag kommer aldrig att lämna dig.

Ik zal u nooit verlaten.


Gerelateerd aan lämna

avresa