Vervoeging van platmaken
Onbepaalde wijs (infinitief): platmaken
Er is helaas geen Spaanse vertaling gevonden.
Onvoltooid tegenwoordige tijd
- ik maak plat
- jij maakt plat
- hij/zij/het maakt plat
- wij maken plat
- jullie maken plat
- zij maken plat
Onvoltooid verleden tijd
- ik maakte plat
- jij maakte plat
- hij/zij/het maakte plat
- wij maakten plat
- jullie maakten plat
- zij maakten plat
Voltooid tegenwoordige tijd
- ik heb platgemaakt
- jij hebt platgemaakt
- hij/zij/het heeft platgemaakt
- wij hebben platgemaakt
- jullie hebben platgemaakt
- zij hebben platgemaakt
Voltooid verleden tijd
- ik had platgemaakt
- jij had platgemaakt
- hij/zij/het had platgemaakt
- wij hadden platgemaakt
- jullie hadden platgemaakt
- zij hadden platgemaakt
Toekomende tijd I
- ik zal platmaken
- jij zult platmaken
- hij/zij/het zal platmaken
- wij zullen platmaken
- jullie zullen platmaken
- zij zullen platmaken
Toekomende tijd II
- ik zal platgemaakt hebben
- jij zult platgemaakt hebben
- hij/zij/het zal platgemaakt hebben
- wij zullen platgemaakt hebben
- jullie zullen platgemaakt hebben
- zij zullen platgemaakt hebben
Conditionalis I
- ik zou platmaken
- jij zou platmaken
- hij/zij/het zou platmaken
- wij zouden platmaken
- jullie zouden platmaken
- zij zouden platmaken
Conditionalis II
- ik zou hebben platgemaakt
- jij zou hebben platgemaakt
- hij/zij/het zou hebben platgemaakt
- wij zouden hebben platgemaakt
- jullie zouden hebben platgemaakt
- zij zouden hebben platgemaakt
Imperatief
- jij maak plat
- jullie maakt plat