Vervoeging van wrijven

  • Onvoltooid tegenwoordige tijd

    • ik wrijf
    • jij wrijft
    • hij/zij/het wrijft
    • wij wrijven
    • jullie wrijven
    • zij wrijven
  • Onvoltooid verleden tijd

    • ik wreef
    • jij wreef
    • hij/zij/het wreef
    • wij wreven
    • jullie wreven
    • zij wreven
  • Voltooid tegenwoordige tijd

    • ik heb gewreven
    • jij hebt gewreven
    • hij/zij/het heeft gewreven
    • wij hebben gewreven
    • jullie hebben gewreven
    • zij hebben gewreven
  • Voltooid verleden tijd

    • ik had gewreven
    • jij had gewreven
    • hij/zij/het had gewreven
    • wij hadden gewreven
    • jullie hadden gewreven
    • zij hadden gewreven
  • Toekomende tijd I

    • ik zal wrijven
    • jij zult wrijven
    • hij/zij/het zal wrijven
    • wij zullen wrijven
    • jullie zullen wrijven
    • zij zullen wrijven
  • Toekomende tijd II

    • ik zal gewreven hebben
    • jij zult gewreven hebben
    • hij/zij/het zal gewreven hebben
    • wij zullen gewreven hebben
    • jullie zullen gewreven hebben
    • zij zullen gewreven hebben
  • Conditionalis I

    • ik zou wrijven
    • jij zou wrijven
    • hij/zij/het zou wrijven
    • wij zouden wrijven
    • jullie zouden wrijven
    • zij zouden wrijven
  • Conditionalis II

    • ik zou hebben gewreven
    • jij zou hebben gewreven
    • hij/zij/het zou hebben gewreven
    • wij zouden hebben gewreven
    • jullie zouden hebben gewreven
    • zij zouden hebben gewreven
  • Imperatief

    • jij wrijf
    • jullie wrijft

Verwijzingen

Bekijk 3 definitie(s) van wrijven