Vervoeging van verstokken

Onbepaalde wijs (infinitief): verstokken

Er is helaas geen Italiaanse vertaling gevonden.

  • Onvoltooid tegenwoordige tijd

    • ik verstok
    • jij verstokt
    • hij/zij/het verstokt
    • wij verstokken
    • jullie verstokken
    • zij verstokken
  • Onvoltooid verleden tijd

    • ik verstokte
    • jij verstokte
    • hij/zij/het verstokte
    • wij verstokten
    • jullie verstokten
    • zij verstokten
  • Voltooid tegenwoordige tijd

    • ik heb verstokt
    • jij hebt verstokt
    • hij/zij/het heeft verstokt
    • wij hebben verstokt
    • jullie hebben verstokt
    • zij hebben verstokt
  • Voltooid verleden tijd

    • ik had verstokt
    • jij had verstokt
    • hij/zij/het had verstokt
    • wij hadden verstokt
    • jullie hadden verstokt
    • zij hadden verstokt
  • Toekomende tijd I

    • ik zal verstokken
    • jij zult verstokken
    • hij/zij/het zal verstokken
    • wij zullen verstokken
    • jullie zullen verstokken
    • zij zullen verstokken
  • Toekomende tijd II

    • ik zal verstokt hebben
    • jij zult verstokt hebben
    • hij/zij/het zal verstokt hebben
    • wij zullen verstokt hebben
    • jullie zullen verstokt hebben
    • zij zullen verstokt hebben
  • Conditionalis I

    • ik zou verstokken
    • jij zou verstokken
    • hij/zij/het zou verstokken
    • wij zouden verstokken
    • jullie zouden verstokken
    • zij zouden verstokken
  • Conditionalis II

    • ik zou hebben verstokt
    • jij zou hebben verstokt
    • hij/zij/het zou hebben verstokt
    • wij zouden hebben verstokt
    • jullie zouden hebben verstokt
    • zij zouden hebben verstokt
  • Imperatief

    • jij verstok
    • jullie verstokt