Betekenis van:
achter
achter
- Dat wat het verst weg is van de voorzijde.
achter
- Aan de achterzijde van het genoemde (in letterlijke of figuurlijke zin).
achter
- Op zoek naar.
achter
- In of naar een inferieure positie.
achter
- In een positie achter een specifiek vaartuig of vliegtuig.
achter
- Volgend op iemand of iets.
Werkwoord
Voorbeeldzinnen
- Het uurwerk loopt achter.
- De klok loopt achter.
- Niemand komt er achter.
- Sluit de deur achter je.
- Enkele studenten waren achter gelaten.
- Sluit de deur achter je.
- Hij stond achter de stoel.
- Sluit de deur achter je.
- De klok loopt tien minuten achter.
- Mary loopt een jaar achter op school.
- Tom verstopte zich achter het gordijn.
- Een hond rende achter een kat aan.
- Kom, we verstoppen ons achter het gordijn.
- Hij verborg zich achter de deur.
- De stal is net achter de boerderij.