Betekenis van:
beginner

beginner
Zelfstandig naamwoord
  • iemand die iets begint; iemand die het begin van iets legt; degene die iets heeft gesticht; grondlegger van iets
  • a person who founds or establishes some institution

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

beginner
Zelfstandig naamwoord
  • nieuweling (in klooster)
  • someone new to a field or activity

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

beginner
Zelfstandig naamwoord
  • beginner, nieuweling in een of ander vak
  • someone new to a field or activity

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

beginner
Zelfstandig naamwoord
  • uitvinder; geestelijke vader
  • a person who founds or establishes some institution

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. He is a beginner.
  2. Tom is only a beginner.
  3. I'm a beginner in French.
  4. Compared to you, I'm only a beginner at this game.
  5. I just started learning flower arrangement last month, so I'm still a beginner.
  6. I'm a beginner, so I think I'll start from a 'garter stitch' muffler or a 'knit-one-purl-one stitch' one.