Betekenis van:
bunk

bunk
Zelfstandig naamwoord
  • bed op een schip
  • beds built one above the other

Synoniemen

Hyperoniemen

bunk
Zelfstandig naamwoord
  • verhaal (vol) van leugens; kletsverhaal
  • unacceptable behavior (especially ludicrously false statements)

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

bunk
Zelfstandig naamwoord
  • poep van honden
  • unacceptable behavior (especially ludicrously false statements)

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

bunk
Zelfstandig naamwoord
    • a rough bed (as at a campsite)

    Hyperoniemen

    bunk
    Zelfstandig naamwoord
      • a long trough for feeding cattle

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      bunk
      Zelfstandig naamwoord
      • stapelbed, etagebed
      • beds built one above the other

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      bunk
      Zelfstandig naamwoord
        • a bed on a ship or train; usually in tiers

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        to bunk
        Werkwoord
        • hard weglopen; snel weglopen
        • flee; take to one's heels; cut and run

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        to bunk
        Werkwoord
          • provide with a bunk
          "We bunked the children upstairs"

          Hyperoniemen

          to bunk
          Werkwoord
            • avoid paying

            Synoniemen

            Hyperoniemen