Betekenis van:
capable

capable
Bijvoeglijk naamwoord
  • denkbaar zijn; mogelijk zijn; mogelijk zijn
  • (usually followed by `of') having capacity or ability
"capable of winning"
"capable of hard work"

Hyperoniemen

capable
Bijvoeglijk naamwoord
  • snel ziek wordend
  • (usually followed by `of') having capacity or ability
"capable of winning"
"capable of hard work"

Hyperoniemen

capable
Bijvoeglijk naamwoord
  • geschikt; ergens klaar voor zijnde
  • having the requisite qualities for

Synoniemen

Hyperoniemen

capable
Bijvoeglijk naamwoord
  • sterk genoeg
  • having the requisite qualities for

Synoniemen

capable
Bijvoeglijk naamwoord
  • gelijk in waarde, kracht enz.
  • having the requisite qualities for

Synoniemen

Hyperoniemen

capable
Bijvoeglijk naamwoord
    • (followed by `of') having the temperament or inclination for
    "no one believed her capable of murder"
    capable
    Bijvoeglijk naamwoord
      • possibly accepting or permitting
      "a passage capable of misinterpretation"

      Synoniemen

      capable
      Bijvoeglijk naamwoord
        • have the skills and qualifications to do things well
        "a capable administrator"
        "children as young as 14 can be extremely capable and dependable"

        Synoniemen