Betekenis van:
cheek

cheek
Zelfstandig naamwoord
  • deel v.h. gezicht tussen oog en kaak; wang
  • either side of the face below the eyes

Hyperoniemen

cheek
Zelfstandig naamwoord
  • bepaalde worp bij judo
  • either of the two large fleshy masses of muscular tissue that form the human rump

Synoniemen

Hyperoniemen

cheek
Zelfstandig naamwoord
    • an impudent statement

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    cheek
    Zelfstandig naamwoord
    • bil
    • either of the two large fleshy masses of muscular tissue that form the human rump

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    cheek
    Zelfstandig naamwoord
      • impudent aggressiveness

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      cheek
      Zelfstandig naamwoord
      • heupzwaai
      • either of the two large fleshy masses of muscular tissue that form the human rump

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      to cheek
      Werkwoord
        • speak impudently to

        Hyperoniemen