Betekenis van:
confident

confident
Bijvoeglijk naamwoord
    • having or marked by confidence or assurance
    "a confident speaker"
    "a confident reply"
    confident
    Bijvoeglijk naamwoord
      • persuaded of; very sure
      "was confident he would win"

      Synoniemen

      confident
      Bijvoeglijk naamwoord
        • not liable to error in judgment or action

        Synoniemen