Betekenis van:
fork

fork
Zelfstandig naamwoord
vorkvormig onderdeel
an agricultural tool used for lifting or digging; has a handle and metal prongs

Hyperoniemen

Hyponiemen

fork
Zelfstandig naamwoord
eetgerei v.e. steel met vier punten
cutlery used for serving and eating food

Hyperoniemen

Hyponiemen

fork
Zelfstandig naamwoord
hooivork; mastbalk
an agricultural tool used for lifting or digging; has a handle and metal prongs

Hyperoniemen

Hyponiemen

fork
Zelfstandig naamwoord
the angle formed by the inner sides of the legs where they join the human trunk

Synoniemen

Hyperoniemen

fork
Zelfstandig naamwoord
the region of the angle formed by the junction of two branches

Synoniemen

Hyperoniemen

fork
Zelfstandig naamwoord
onderdeel van fiets met het voorwiel
the act of branching out or dividing into branches

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fork
Werkwoord
shape like a fork

Hyperoniemen

to fork
Werkwoord
bepaalde opstelling van schaakstukken
place under attack with one's own pieces, of two enemy pieces

Hyperoniemen

to fork
Werkwoord
lift with a pitchfork

Synoniemen

Hyperoniemen

to fork
Werkwoord
divide into two or more branches so as to form a fork

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fork
Werkwoord
divide into two or more branches so as to form a fork

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen