Betekenis van:
aangroei

aangroei (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • toename

Hyperoniemen

aangroei
Zelfstandig naamwoord
  • toename

Voorbeeldzinnen

  1. De activiteit bestaat uit twee delen: 1. schatting van de jaarlijkse aangroei in de bossen in fysieke waarden, en 2. financiële waardebepaling van de onbenutte aangroei.
  2. Benaming van de actie: Beoordeling van onbenutte aangroei in de bossen in het kader van de BR voor de Bondsrepubliek Duitsland (1991-2004)
  3. Bosbouw- en aanverwante bedrijven bieden werk aan circa 3,4 miljoen mensen en maken een omzet van 350 miljard EUR, waarbij moet worden aangetekend dat maar 60 % van de jaarlijkse aangroei in de bossen momenteel wordt geëxploiteerd.
  4. Negen betreffen aspecten van voedingsstoffenbalansen en drie voorstellen betreffen de internetinfrastructuur in plattelandsgebieden, de schatting van prijzen van bouwland en de beoordeling van onbenutte aangroei in de bossen in het kader van de bosbouwrekeningen (BR).
  5. Eventueel bij het drogen gebruikte touwen of andere materialen mogen niet tegen aangroei zijn behandeld, noch reinigings- of ontsmettingsproducten bevatten, behalve wanneer daarvoor een in bijlage VII vermeld product is gebruikt.”
  6. Het hoofddoel is een nauwkeurigere waardebepaling van de onbenutte aangroei in de bossen in Duitsland van 1991 tot en met 2004 met gebruikmaking van gegevens uit de tweede nationale bosinventarisatie en aldus een betere berekening van de economische bosbouwrekening die overeenkomstig het ESR 95 is berekend voor de jaren 1991 tot en met 2002.
  7. „aquacultuur”: de kweek of de teelt van aquatische organismen, waarbij technieken worden gebruikt om de aangroei van de betrokken organismen te verhogen tot boven de natuurlijke capaciteiten van het milieu; deze organismen blijven in de gehele fase van de kweek of de teelt, tot en met de oogst, eigendom van een natuurlijke persoon of een rechtspersoon;
  8. „aquacultuur”: de kweek of teelt van aquatische organismen, waarbij technieken worden gebruikt om de aangroei van de betrokken organismen te verhogen tot boven de natuurlijke capaciteit van het milieu; deze organismen blijven in de gehele fase van de kweek of de teelt, tot en met de oogst, eigendom van een natuurlijke persoon of rechtspersoon;