Betekenis van:
benaderen

benaderen
Werkwoord
  • tot op bepaalde graad berekenen
"de 25 benaderen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

benaderen
Werkwoord
  • naartoe gaan en aanspreken
"De verlegen jongen durfde het mooie meisje niet te benaderen."
benaderen
Werkwoord
  • aanpakken
"De meester benaderde het probleem vanaf een onverwachte hoek."
benaderen
Werkwoord
  • bijna bereikt hebben
"De temperatuur van de oven benaderde de 200 graden."
benaderen
Werkwoord
  • geen exacte berekening maar een bepaling
"Door een lijn te trekken benaderde hij de richtingscoëfficiënt."
benaderen
Werkwoord
  • iemand voor en functie vragen; contact maken; contact zoeken met
"iemand benaderen met [een vraag/plan/voorstel]"
"iemand benaderen voor [een interview]"

Synoniemen

Hyperoniemen

benaderen
Werkwoord
  • dichtbij komen
"een dier benaderen"
"een aantal benaderen"

Synoniemen

Hyperoniemen