Betekenis van:
grenzen

grenzen
Werkwoord
  • ''~ aan'' als aansluitende buur hebben
"Luxemburg grenst aan België, Frankrijk en Duitsland."
grenzen
Werkwoord
  • dichtbij komen

Synoniemen

Hyperoniemen

grens (de ~ | meervoud grenzen)
Zelfstandig naamwoord
  • geografische scheidingslijn
"tot ver buiten de grenzen"
"over de grenzen kijken"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

grens (de ~ | meervoud grenzen)
Zelfstandig naamwoord
  • limiet
"geen grenzen kennen"
"(zijn) grenzen verleggen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

grens (de ~ | meervoud grenzen)
Zelfstandig naamwoord
  • helper van de scheidsrechter die o.a. moet uitmaken of een bal een zij- of doellijn passeert

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord