Betekenis van:
beschaafd

beschaafd
Bijvoeglijk naamwoord
  • net en goed opgevoed
"De beschaafde jongen gaf zijn plaats in de bus aan de oudere man."
beschaafd
Bijvoeglijk naamwoord
  • blijk gevend van hogere beschaving en zorgvuldige opvoeding
"beschaafd spreken/eten"
"beschaafde manieren"

Synoniemen

Hyperoniemen

beschaafd
Bijvoeglijk naamwoord
  • (van volkeren) een bepaald technologisch en economisch niveau bereikt hebbend
"de beschaafde volkeren/wereld"

Synoniemen

Werkwoord