Betekenis van:
bestrijken

bestrijken
Werkwoord
  • omvatten
"een heel gebied bestrijken"
"meerdere dagen bestrijken"

Hyperoniemen

bestrijken
Werkwoord
  • insmeren
"een boterham met smeerkaas bestrijken"

Hyperoniemen

Hyponiemen

bestrijken
Werkwoord
  • ''~ met'' in een strijkende beweging ergens iets op aanbrengen
"De muur werd met kalk bestreken."
bestrijken
Werkwoord
  • een bepaald gebied betreffen
"Het broedgebied van deze vogelsoort bestrijkt vrijwel geheel Noord-Europa."

Voorbeeldzinnen

  1. TE BESTRIJKEN GEBIEDEN
  2. Projecten die meer dan één activiteit bestrijken
  3. Deze secties bestrijken alle economische activiteiten.
  4. logboeken aan boord moeten een heel jaar bestrijken.
  5. Activiteit D – Projecten die meer dan één activiteit bestrijken
  6. Totaal Projecten die meer dan één activiteit bestrijken
  7. Daarom moeten de gezamenlijke inzetplannen ook het landgebied bestrijken.
  8. Machines voor het appreteren, afwerken, bestrijken ... van garens, enz.
  9. bevordering van de samenwerking tussen projecten die hetzelfde terrein bestrijken;
  10. de reikwijdte van haar erkenning dient het luchtvaartuigtype te bestrijken;
  11. De te bestrijken periode neemt elk jaar met een jaar toe totdat de relevante gegevens die een periode van vijf jaar bestrijken.
  12. Het onderzoek voor deze activiteit zal twee onderling samenhangende aspecten bestrijken:
  13. De standaardvoorschriften moeten alle criteria bestrijken die zijn vastgesteld in Beschikking 90/638/EEG.
  14. Blootstellingsscenario's bestrijken elke vervaardiging in de Gemeenschap en elk geïdentificeerd gebruik.
  15. Het plan moet ten minste de goederen bestrijken die voor uitvoer naar de Gemeenschap zijn bestemd.