Betekenis van:
bestrijken

bestrijken
Werkwoord
  • omvatten
"een heel gebied bestrijken"
"meerdere dagen bestrijken"

Hyperoniemen

bestrijken
Werkwoord
  • insmeren
"een boterham met smeerkaas bestrijken"

Hyperoniemen

Hyponiemen

bestrijken
Werkwoord
  • ''~ met'' in een strijkende beweging ergens iets op aanbrengen
"De muur werd met kalk bestreken."
bestrijken
Werkwoord
  • een bepaald gebied betreffen
"Het broedgebied van deze vogelsoort bestrijkt vrijwel geheel Noord-Europa."