Betekenis van:
bouwjaar

bouwjaar (het ~ | meervoud bouwjaren)
Zelfstandig naamwoord
  • jaar v.d. bouw
"bouwjaar [1981]"

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Bouwjaar
  2. Bouwjaar
  3. Bouwjaar:
  4. Bouwjaar ca.:
  5. bouwplaats en bouwjaar;
  6. Rubriek nr. 3 — Bouwjaar
  7. onderdeelnummer van de fabrikant en bouwjaar van de adaptor,
  8. onderdeelnummer van de fabrikant en bouwjaar van de ingebouwde bewegingssensor,
  9. De lidstaten passen de geharmoniseerde rendementsreferentiewaarden van bijlage I toe overeenkomstig het bouwjaar van de warmtekrachteenheid.
  10. de voertuigen (met vermelding van het bouwjaar) waarvoor de vervangingskatalysator is goedgekeurd;
  11. het bouwjaar, dat wil zeggen het jaar waarin het fabricageproces is afgerond.
  12. Bouwjaar, bepaald op basis van de datum op de veiligheidscertificaten van het schip
  13. Indien het exacte bouwjaar niet bekend is, wordt een jaartal bij benadering vermeld.
  14. bouwjaar, bepaald op basis van de datum op de veiligheidscertificaten van het schip,
  15. Deze geharmoniseerde rendementsreferentiewaarden gelden voor een periode van 10 jaar volgend op het bouwjaar van de warmtekrachteenheid.