Betekenis van:
jaar

jaar
Zelfstandig naamwoord
  • de duur van een omloop van de aarde om de zon van circa 365 dagen
"Naarmate de jaren verstreken, groeide Wikipedia extreem hard."
jaar (meervoud jaren)
Zelfstandig naamwoord
  • periode van 1 januari tot en met 31 december

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Ik ben 19 jaar.
  2. Ze is eenendertig jaar.
  3. Ze is vijf jaar.
  4. Ik ben 19 jaar.
  5. Dit jaar bieden we dezelfde taalcursus aan als vorig jaar.
  6. De oorlog duurde twee jaar.
  7. Ik ben achttien jaar oud.
  8. We zijn vijf jaar getrouwd.
  9. Ik ben zestien jaar oud.
  10. Hij bezocht Kyoto vorig jaar.
  11. Hij is drie jaar ouder dan ik.
  12. Is hij in Hokkaido geweest vorig jaar?
  13. Bill is twee jaar ouder dan ik.
  14. Hij is drie jaar ouder dan ik.
  15. Zijn vader is vorig jaar overleden.