Betekenis van:
brancard

brancard (de ~ | meervoud brancards)
Zelfstandig naamwoord
  • draagbaar
"op een brancard [liggen/leggen]"
"per brancard"

Hyperoniemen

brancard
Zelfstandig naamwoord
  • een draagbaar bedoeld om patiënten te vervoeren die niet ambulant zijn
"Er kwamen verzorgers het veld op met een brancard om de geblesseerde speler van het veld te dragen."