Betekenis van:
buitenlucht

buitenlucht (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • frisse lucht buiten
"de buitenlucht deed hen goed"
"de gezonde buitenlucht"

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. naar buitenlucht
  2. i = buitenlucht
  3. e = buitenlucht
  4. a = buitenlucht
  5. naar buitenlucht
  6. naar buitenlucht
  7. naar buitenlucht
  8. naar buitenlucht
  9. naar buitenlucht
  10. inspuiting van buitenlucht
  11. Naar de buitenlucht
  12. Naar de buitenlucht
  13. Beoordeling van concentraties in de buitenlucht en van deposities
  14. Automatische bewateringssystemen voor zones in de buitenlucht (1,5 punt)
  15. Openingen van het emissiebeperkingssysteem naar de buitenlucht moeten worden afgesloten.