Betekenis van:
draak

draak (de ~ | meervoud draken)
Zelfstandig naamwoord
  • groot monster dat lijkt op hagedis
"een vuurspuwende draak"
"een draak overwinnen"

Hyperoniemen

draak (de ~ | meervoud draken)
Zelfstandig naamwoord
  • vrouw die kwaad, lastig en nijdig is
"de draak steken met iemand"
"een draak van een vrouw"

Synoniemen

Hyperoniemen

draak (de ~ | meervoud draken)
Zelfstandig naamwoord
  • sentimentele film, toneelstuk enz
"die film is een draak"

Synoniemen

Hyperoniemen

draak (de ~ | meervoud draken)
Zelfstandig naamwoord
  • soort zeiljacht

Hyperoniemen

Hyponiemen

Draak
Zelfstandig naamwoord
  • sterrenbeeld

Hyperoniemen

draak
Zelfstandig naamwoord
  • afschrikwekkend fabeldier, voorgesteld als gevleugeld, vuurspuwend reptiel met spitse tong en lange staart

Voorbeeldzinnen

  1. De draak is een fantasiebeest.
  2. Dat artikel steekt de draak met vegetariërs.
  3. Kietel nooit een slapende draak
  4. De twaalf dieren van de Chinese dierenriem komen van elf diersoorten die in de natuur voorkomen, met name de rat, os, tijger, konijn, slang, paard, aap, haan, hond en varken, en ook de legendarische draak; ze worden als kalender gebruikt.