Betekenis van:
ekster
ekster (de ~ | meervoud eksters)
Zelfstandig naamwoord
- dier
"praten als een ekster"
"een brutale ekster"
Hyperoniemen
ekster
Zelfstandig naamwoord
- een zwartwitte kraaiachtige zangvogel met een lange staart
"Er zit een ekster in de boom."
Voorbeeldzinnen
- Ekster
- Ekster