Betekenis van:
grap

grap
Zelfstandig naamwoord
  • verhaal dat of handeling die erop gericht is om de lachlust op te wekken
"Hij haalde een kostelijke grap uit."
grap (de ~ | meervoud grappen)
Zelfstandig naamwoord
  • grappige daad of zaak; streek; iets amusants
"een dure grap"
"wat kost dat grapje?"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Ik snapte zijn grap niet.
  2. Hij kon de grap van de arrogante meisjes niet waarderen, dus nam hij wraak.