Betekenis van:
half

half
Bijvoeglijk naamwoord
  • voor de helft
"beter een half ei dan een lege dop"
"gedeelde smart is halve smart"

Synoniemen

Hyperoniemen

half
Bijvoeglijk naamwoord
  • gedeeltelijk

Synoniemen

Hyperoniemen

half
Bijvoeglijk naamwoord
  • de helft zijnde
half
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet volledig; onvolledig

Synoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Half vergeten muziek danste door zijn gedachten.
  2. Het is tien voor half elf.
  3. De school begint om half negen.
  4. "Hoe laat is het?" "Het is half elf."
  5. Tom heeft om half drie een afspraak bij de tandarts.
  6. Ik heb niet veel gegeten, maar ik ben wel vijf kilo aangekomen binnen een half jaar.
  7. Half-afzinkbaar
  8. half gebleekt of gebleekt
  9. Synthetische ... (half)edelstenen, bewerkt doch niet gezet...
  10. Platina, onbewerkt, half bewerkt of in poedervorm
  11. Poeder en stof van natuurlijke of synthetische (half)edelstenen
  12. Compressoren voor koelinstallaties, vermogen > 0,4 kW, (half-) hermetisch
  13. CPA 24.41.10: Zilver, onbewerkt, half bewerkt of in poedervorm
  14. (Half)automatische machines ... voor het weerstandlassen van metalen
  15. CPA 24.41.20: Goud, onbewerkt, half bewerkt of in poedervorm