Betekenis van:
half
half
Bijvoeglijk naamwoord
- gedeeltelijk
Synoniemen
Hyperoniemen
half
Bijvoeglijk naamwoord
- de helft zijnde
Werkwoord
Voorbeeldzinnen
- Half vergeten muziek danste door zijn gedachten.
- Het is tien voor half elf.
- De school begint om half negen.
- "Hoe laat is het?" "Het is half elf."
- Tom heeft om half drie een afspraak bij de tandarts.
- Ik heb niet veel gegeten, maar ik ben wel vijf kilo aangekomen binnen een half jaar.
- Half-afzinkbaar
- half gebleekt of gebleekt
- Synthetische ... (half)edelstenen, bewerkt doch niet gezet...
- Platina, onbewerkt, half bewerkt of in poedervorm
- Poeder en stof van natuurlijke of synthetische (half)edelstenen
- Compressoren voor koelinstallaties, vermogen > 0,4 kW, (half-) hermetisch
- CPA 24.41.10: Zilver, onbewerkt, half bewerkt of in poedervorm
- (Half)automatische machines ... voor het weerstandlassen van metalen
- CPA 24.41.20: Goud, onbewerkt, half bewerkt of in poedervorm