Betekenis van:
ijstijd

ijstijd (de ~ | meervoud ijstijden)
Zelfstandig naamwoord
  • bepaald tijdperk
"in/tijdens de ijstijd"

Hyperoniemen

ijstijd
Zelfstandig naamwoord
  • een tijdperk waarin de gemiddelde temperatuur lager dan normaal is en uitgestrekte gebieden onder ijs bedolven zijn
"De laatste ijstijd kwam zo'n twaalfduizend jaar geleden ten einde."