Betekenis van:
ingesteld

ingesteld
Bijvoeglijk naamwoord
  • geschikt; ergens klaar voor zijnde
"ingesteld zijn op [iets of iemand]"
"we hadden ons er al helemaal op ingesteld, en toen ging het niet door"

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Ingesteld worden:
  2. Snelheid foutief ingesteld (indien gecontroleerd).
  3. Eerste waarde ingesteld door … [7]
  4. Eerste waarde ingesteld door … [3]
  5. Snelheid foutief ingesteld (indien gecontroleerd).
  6. Binnen het Bureau wordt een Begrotingscomité ingesteld.
  7. Tevens werd een TIR-Uitvoerend Orgaan ingesteld.
  8. Er wordt ook een brugpensioneringsregeling ingesteld.
  9. Bijgevolg moeten onderstaande antidumpingrechten worden ingesteld:
  10. De analyseapparatuur wordt op de nulstand ingesteld.
  11. Daartoe moeten interdisciplinaire werkgroepen worden ingesteld.
  12. In het Agentschap wordt een tuchtraad ingesteld.
  13. Voorlopige rechten kunnen worden ingesteld, indien:
  14. Voor Taiwan werden geen voorlopige maatregelen ingesteld.
  15. Er kan geen beroep tegen worden ingesteld.