Betekenis van:
jaarwisseling
jaarwisseling (de ~ | meervoud jaarwisselingen)
Zelfstandig naamwoord
- oud en nieuw
"een (on)rustige jaarwisseling"
"rond/tijdens de jaarwisseling"
Synoniemen
Hyperoniemen
jaarwisseling
Zelfstandig naamwoord
- de overgang naar een nieuw kalenderjaar
"We hebben de jaarwisseling thuis gevierd."
Voorbeeldzinnen
- Toelichting: het vervoer van vuurwerk is beperkt tot twee korte perioden per jaar: de jaarwisseling en de periode rond eind april, begin mei.
- Opmerkingen Het vervoer van vuurwerk is beperkt tot twee korte perioden per jaar: de jaarwisseling en de periode rond eind april, begin mei.
- Volgens dit overzicht beweegt de gemiddelde aansprakelijksheidsvergoeding zich (als opslag op Libor) voor alle ratingcategorieën in deze periode, binnen een bandbreedte van 2,25 % per jaar (kortstondig rond de jaarwisseling 2002/2003) als bovengrens tot circa 0,8 % per jaar (in 2004) als ondergrens, met een gemiddelde waarde voor de desbetreffende periode van krap 1,5 % per jaar.