Betekenis van:
kampioenschap

kampioenschap (het ~ | meervoud kampioenschappen)
Zelfstandig naamwoord
  • wedstrijd waarin een kampioenstitel behaald kan worden
"een kampioenschap uitschrijven"
"het kampioenschap [tennis]"

Hyperoniemen

kampioenschap
Zelfstandig naamwoord
  • wedstrijd waar bepaald wordt wie de kampioenstitel mag dragen
kampioenschap
Zelfstandig naamwoord
  • kwalificatie van kampioen

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Het Europees Kampioenschap voetbal
  2. De eindronde van het Europees kampioenschap voetbal
  3. De eindronde van het Europees kampioenschap voetbal
  4. Het door de Europese Atletiekassociatie (EAA) georganiseerde Europese kampioenschap atletiek.
  5. De eindronde van het Europees kampioenschap voetbal, mannen
  6. Het kampioenschap van België en het wereldkampioenschap op de weg voor eliterenners (mannen);
  7. Veldrijden: het kampioenschap van België en het wereldkampioenschap voor eliterenners (mannen);
  8. de halve finales en de finale van het Europees kampioenschap voetbal;
  9. het kampioenschap van België wielrennen op de weg voor beroepsrenners, mannen, rechtstreekse verslaggeving en samenvattingen;
  10. Het kampioenschap van België wielrennen op de weg voor beroepsrenners, mannen
  11. de eindronde van het Europees kampioenschap voetbal, mannen, rechtstreekse integrale verslaggeving;
  12. de finales van het Europees kampioenschap basketbal, mannen en vrouwen, wanneer daaraan wordt deelgenomen door het Franse team;
  13. de finales van het Europees kampioenschap handbal, mannen en vrouwen, wanneer daaraan wordt deelgenomen door het Franse team;
  14. SBS verwierf tevens de rechten voor de Nederlandse eerste divisie en de kwalificatiewedstrijden van het Nederlands elftal voor het Europees kampioenschap in 2004.
  15. De openingswedstrijd, kwartfinales, halve finales en finale van het door de UEFA (Europese voetbalbond) georganiseerde Europees kampioenschap voetbal, en de wedstrijden van de Finse ploeg;