Betekenis van:
kassen

kassen
Werkwoord
  • elkaar door op het water te slaan nat spatten
"Hou op met kassen!"
kas (de ~ | meervoud kassen)
Zelfstandig naamwoord
  • gebouw(tje) met veel glas voor het kweken van planten
"groente uit de kas"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

kas (de ~ | meervoud kassen)
Zelfstandig naamwoord
  • plaats in de schedel voor het oog; holte v.h. oog; plaats in de schedel voor het oog
"de ogen puilen uit de kassen"

Synoniemen

Hyperoniemen

kas (de ~ | meervoud kassen)
Zelfstandig naamwoord
  • bewaarplaats voor geld
"de kas sluit"
"in kas"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord