Betekenis van:
loopvogel

loopvogel (de ~ | meervoud loopvogels)
Zelfstandig naamwoord
  • vogel die alleen maar kan lopen

Hyperoniemen

loopvogel
Zelfstandig naamwoord
  • vogel met krachtige poten om te lopen maar vleugels die ongeschikt zijn om te vliegen

Voorbeeldzinnen

  1. In dat geval worden de in de leden 1 en 2 genoemde perioden geacht aan te vangen zodra de laatste ingevoerde loopvogel is binnengebracht en mag geen enkele loopvogel of pluimvee de ruimte verlaten voordat de betrokken termijn is afgelopen.