Betekenis van:
manchet

manchet (de ~ | meervoud manchetten)
Zelfstandig naamwoord
  • boord aan de mouw

Synoniemen

Hyperoniemen

manchet (de ~ | meervoud manchetten)
Zelfstandig naamwoord
  • ring rond een buis of steel

Hyperoniemen

manchet
Zelfstandig naamwoord
  • een dubbele of stevige stof aan rond de opening van de mouw of hals
manchet
Zelfstandig naamwoord
  • hulpstuk om een granaat op zijn plaats te houden in een kanonloop
manchet
Zelfstandig naamwoord
  • laag schuim op bier; laag schuim op een glas bier

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Als naadloze, gesloten pootring geldt een ononderbroken ring of manchet, zonder enige naad of las, waarmee op geen enkele wijze is geknoeid en waarvan het formaat zodanig is dat hij, nadat hij in de eerste levensdagen van de vogel is aangebracht, niet meer kan worden verwijderd wanneer de poot van de vogel zijn definitieve omvang heeft bereikt, en die commercieel voor dat doel is vervaardigd.