Betekenis van:
merknaam

merknaam (de ~ | meervoud merknamen)
Zelfstandig naamwoord
  • naam v.d. fabrikant en diens producten; vast teken op handelswaren; eigennaam officieel gebruikt als merk
"onder een (andere) merknaam"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Merknaam/Fabrikant
  2. Merknaam van het product_LNG
  3. Merknaam van het product
  4. De producten dragen geen toonaangevende merknaam.
  5. „R” indien de accijnsgoederen een merknaam hebben.
  6. „R” indien de accijnsgoederen een merknaam hebben.
  7. Identificatie: identificatie van het ouderkoppel en merknaam.
  8. Vermeld in voorkomend geval de merknaam van de goederen.
  9. Identificatie: identificatie van het koppel van oorsprong en merknaam.
  10. Zulks onverminderd de aanbrenging van het merknaam van de fabrikant.
  11. Onder „merknaam” of „handelsbenaming” wordt verstaan de door de bandenfabrikant aangegeven aanduiding van de band.
  12. De merknaam of het handelsmerk is duidelijk op het elektrisch materiaal of, wanneer zulks onmogelijk is, op de verpakking aangebracht.
  13. Tot 1999 stond Ixfin onder de zeggenschap van het Olivetti-concern en werd haar productie onder de merknaam Olivetti verkocht.
  14. De merknaam mag de naam zijn van de fabrikant en de handelsbenaming mag overeenkomen met het handelsmerk.
  15. In de praktijk werden de door Sovello vervaardigde modules (tot begin 2009) door Evergreen onder de merknaam Evergreen verkocht.